Uit de kast komen.

Toen ik deze morgen wakker werd om zeven uur, ( Ik word altijd wakker om zeven uur. Ik heb namelijk de gewoonte om rond tien over zeven te defeceren. Je verstaat wel dat het niet zo aangenaam is om, in dat geval, pas om een uur of acht op te staan. Laat staan voor mijn echtgenote die het beddengoed moet wassen! ) , kreeg ik een berichtje toegestuurd per elektronische posterij. E-mail of zoiets ( “Ach”, Die hele elektronische poespas is nooit helemaal mijn ding geweest! Het was vast op facebook of zo! )

Het bericht kwam van een man die ik ooit had leren kennen op een trouwfeest. We zaten toen, ik en mijn vrouw, wat afgezonderd van de rest van de meute feestvierders. De kerel liep er wat verloren bij en ik nodigde hem uit om bij ons te komen plaatsnemen. er was toch plaats genoeg. Het plankje met heerlijke spijs die ons werd voorgeschoteld bleef toch bijna onaangeroerd voor ons op tafel staan en we konden best wat gezelschap gebruiken.

Eigenlijk ben ik een heel sociale persoon en ik maal er niet om, om zelfs al was het hond met een hoedje op, te gaan praten.

Het koppel kwam aldus bij ons aan de tafel staan. We raakten in gesprek. Al snel bleek dat de man bepaalde eigenschappen had die me zeer bekend aanvoelden. Hij kwam zeer introvert over, maar iets in mij vertelde me dat dit niet zo was. De man hield zich echt wel in om één of andere reden. Aanvankelijk dacht ik dat de man misschien bedeesd was van aard, en wat moest loskomen om een gesprek met een onbekende te gaan voeren. Misschien zou de aangeboden Champagne hem straks wat losser maken.

Hij hield zich echter bij druivensap.

Ik bracht het gesprek op gang en langzaam kwam de man los. Onze echtgenotes taterden er toen al duchtig op los. Uiteindelijk bleek de man, die carrière had gemaakt in een extreme sport, ADHD te hebben.

Hij had moeite om zich aan anderen bloot te stellen. Je weet maar nooit hoe anderen reageren als je eenmaal op dreef bent geraakt en grapjes maakt die weinig worden gesmaakt of, je tot vervelens toe de overhand neemt in een gesprek.

Mensen zijn onvoorspelbaar. Ze kunnen raar uit de hoek komen als ze hun grootspraak niet kunnen voeren zoals ze hadden gepland of , als ze zich gekleineerd voelen als hun heldendaden door een ander in vraag worden gesteld.

Het is mezelf al vaker overkomen dat dergelijke personen zich gekwetst voelen en zich beginnen af te reageren omwille van hun frustraties.

ADHD als je volwassen bent geworden zorgt er nogal vaak voor dat je dergelijke situaties gaat vermijden om de orde niet te verstoren.

Je zondert je af om geen discussie met nutteloze en onbetekenende personen uit de weg te gaan. Vooral op feestjes, onder invloed proberen opscheppers de bovenhand te halen en de kans dat het tot een handgemeen komt is in dergelijke situaties zeer reëel.

We keken elkaar in de ogen en hadden een match. Iets wat ADHD’ers onder elkaar wel vaker hebben. Zoals een ‘gaydar’ maar dan zonder gay. Gewoon een radar eigenlijk zonder enige seksuele context.

Hoe dan ook ? We werden facebookvriendjes en liken wel eens wat van elkaars sociale posterijen.

Zo kwam het dat we ons deze morgen lieten gaan in een gesprekje dat eerst openbaar werd gehouden maar al snel op een private chat overschakelde. We fulmineerden onze kwaadheden en onze bezorgdheid. Het gesprek ging over en weer en zo kwam het dat ik de hele ochtend enkel met het gesprek kon bezig zijn.

Het gesprek ging over hoe we omgingen met onze angst, onze onzekerheid, onze uitspattingen en onze neiging om gevaarlijke situaties op te gaan zoeken. Hoe we als kind opgegroeid zijn met een teder hart en hoe de zachte aard  met de tijd is geëvolueerd naar een hard en agressief karakter als we ons aangevallen voelen.

Ik kan je wel vertellen dat ADHD’ers bij gebrek aan een goede emotionele en rationele filter met impulsief gedrag reageren en al snel in de aanval gaan. Vaak nog voor we de situatie objectief hebben ingeschat.

ADHD’ers komen op die manier vaak in de problemen. We vragen er niet om. Het zijn impulsieve reacties die gewoon gebeuren. Later hebben we vaak spijt. We kunnen echter niet anticiperen op dit gedrag omdat we sneller handelen dan we kunnen objectiveren.

Agressie komt vaak voor op latere leeftijd. Het is aangeleerd gedrag uit angst om gekwetst te worden of,  gewoon omdat we steeds met dezelfde reacties worden geconfronteerd, aan pestgedrag werden blootgesteld, vooroordelen, noem maar op. Er staat nergens een merkteken op ons hoofd die zegt, pas op ik ben anders. Noch willen wij een ster op onze jas worden genaaid. Stigmatisering hebben wij al genoeg meegemaakt.

Ik vroeg hem om eventueel een interview te mogen afnemen. Ik kreeg nog geen antwoord op mijn vraag. Het is moeilijk om naar buiten te komen met ons verhaal. De stoere jongens die beweren dat ze een integer en puur hart hebben. Fragiel en breekbaar zijn. Gewoon mensen, als een ander.

Ruwe bolsters hebben wij , door te leven, rond onze zachte kern gebouwd. Een cocon waar we graag vertoeven, waar we ons veilig voelen.

Was het niet Stef Bos die zong om de muren rond ons heen te slopen.

Ik ben alvast begonnen.

Steen voor steen.

 

 

 

 

 

Advertenties
Categorieën: column
%d bloggers liken dit: