De stelling op zijn kop

Met enige verbijstering lees ik , via één of ander sociaal medium , het artikel over de toenemende vergrijzing en het acuut personeelstekort in de zorgsektor.
Het feit dat ik me nog op sociaal vlak durf te engageren is voor mij al een wonder op zich.
Dat ik enigzins nog tot verbijstering kan worden gebracht is dan weer een wereldwonder.
Er zijn er slechts zeven. Me dunkt?
Verbijstering, in mijn geval, kan gerust meetellen als het achtste.

Eigenlijk doen wereldwonderen er weinig toe. De kolos van Rhodos, de Babylonische tuinen, ze zijn vergane glorie.
Mijn neiging tot verbijstering zal ontegensprekelijk het zelfde lot beschoren zijn.

Ik lees dus , met enige verbijstering, het artikel.
Ik denk bij mezelf. ( Ik vind denken dan trouwens helemaal niets wonderbaarlijks. Het zou pas een wonder zijn als ik op een dag wakker werd en niet meer tot enige gedachte zou kunnen komen.)
‘Dat mensen nog durven te beweren dat de werkdruk in de zorgsector het probleem is dat het tekort aan zorgend personeel kan verklaren.’

Deze stellingname slaat me met verstomming.

Ik val even katatoon op de grond, blijf even liggen en vind de moed om terug op te staan.
De verbijstering en verstomming verlaten mijn geest.

Ik voel me terug krachtig. Vervolgens stel ik mezelf de vraag.
‘Thomas? Zeg eens? Wat is het die jou zo van je stuk brengt?’

Ik denk een poosje na. Ik wik en ik weeg mijn stellingen.

Stellingbouwers zullen zeker kunnen beamen dat het opzetten van stellingen een zware bezigheid is.
Ik ontken dat niet.

Naadloos kom ik terug tot de kern van mijn overpeinzingen.

Dat werken in de zorgsektor een ondankbaar, zwaar beroep is heeft misschien wel wat te maken met het personeelstekort. Hoor ik mezelf zeggen.

Echter, vind ik dat een zeer ongenuanceerde gedachte.
Weinig diepgang zit er in deze stelling.

Als je deze stelling vanop de top gaat bekijken en je werpt je blik neerwaarts dan zie je inderdaad een diep gat.

Dat de zorgsektor een diep gat is geworden. Daar ga ik helemaal mee akkoord.
‘ Hoe zou Pythagoras zich hebben gevoeld toen hij van zijn stelling naar de grond tuurde?’
Was mijn eerste gedachte.
Maar enig antwoord was ook in deze gedachte niet te vinden.

Dat het idioot is om voor elk probleem een zondebok te zoeken en de realiteit in een hoekje weg te steken. Vertopt onder een deken die zich stilaan met stof begint te bedekken. Daar zit echter wel iets in om over na te denken. Zondebokken zijn van alle tijden maar zelden zijn zijn ook de echte zondaar geweest van een reële problematiek. Het is enkel voer voor het volk.

Ik hervat mijn overpeinzingen en overloop een aantal zaken met betrekking tot het werken in een sektor waar personeelstekort een objectieve zaak is geworden. Heel actueel ook gezien ik deze morgen dit artikel lees.

Geld?
Als er al iets de wereld draaiende houdt? Dan moet het dat wel zijn.
Onmiskenbaar, want geld is het slijk der aarde. Zonder slijk geen grond om op te staan.

De lonen in de sektor zijn inderdaad niet echt aantrekkelijk als je kijkt naar de verwachtingen en de hoge eisen. Over verantwoordelijkheid spreek ik zelfs nog niet. Daar kan je al een punt mee scoren. De werknemers in de zorgsektor verdien meer loon voor hun inzet. 1-0.

‘ Hmmmm tjah’ Ik heb zelden een probleem gemaakt rond mijn loon. Maar dat er iets bij kon komen heb ik wel altijd een aantrekkelijke gedachte gevonden.
Ik dacht ook wel dat ik dat , met mijn inzet, wel had verdiend.
De gedachte dat ik anderen dit niet gunde is mij trouwens eveneens bijgebleven.

Met een hernieuwde blik bekijk ik dit gegeven. Een objectieve gedachte in het geheel.
Een vaststelling van een persoonlijke emotie is altijd objectief.
Zeker emoties zijn minder onderhevig aan subjectiviteit.
Ze zijn er en je kan niet ontkennen dat dat zo is.

Ik ga op mijn stelling staan en bekijk vanop een zekere afstand naar dit nieuwe gegeven.

Uiteraard komt daar rationaliteit het spel binnengeslopen.
Rationaliteit is altijd subjectief.
Een grondige analyse kan de conclusie echter heel wat juister maken als je afstand neemt van je gevoelens en het probleem vanuit een onbevoordeeld standpunt gaat bekijken.

Pythagoras fluistert me toe dat dat werkelijk zo is.

Dus ik bekijk mijn gedachte en denk. ‘De zorgsector heeft weinig neiging om progressief te zijn in deze veranderende wereld.’

Ik scoor hiermee een tweede doelpunt.
Stagnering en de onwil om samen te streven naar een beter zorgklimaat heeft mij maar al te vaak boos gemaakt. Ik heb altijd naar progressie gestreefd en heb daarmee menig windei uit mijn cloaca geperst.

De stagnering in de zorg is een reden dat jonge mensen afhaken of, zich niet eens meer aangetrokken voelen voor een opleiding die weinig marge kan bieden tot groei. Persoonlijk, interpersoonlijk en evenzeer extra persoonlijk biedt het werken in de zorgindustrie weinig mogelijkheid tot ontwikkeling. Hier wringt toch wel het schoentje als je toekomstgericht wil gaan werken.

Gelukkig val ik niet van mijn stelling. Ik zet me op de rand en stop even om te balanceren.
Een gezonde balans is een sterke eigenschap. Ditmaal is het Confucius die mij toespreekt en zegt dat dit geheel correct is.
Opgelucht met deze bevestiging tuur ik naar de einder, alwaar mijn rust te vinden is.
Ik roep het op. Op een wonderbaarlijke wijze komt ze tot bij mij.

Ja stellingen zijn soms ondoorgrondelijk.

Loon is iets dat, de laatste jaren, bevroren is gebleven. Althans de indexering op het loon. De index die, nochtans, de koopkracht zou moeten in stand houden.
Nu ja dit heb je wel eens in een klote land, waar politieke incorrectheid normaal is geworden.

Politieke onenigheid in, een onbestuurbaar en gefractioneerd land als het onze, waar men jaren doet over een regeringsvorming ,( met sanitaire cordonvorming, antidemocratische regenboog kleurende meerderheidstoestanden en dergelijke meer in een poging de oppositie en de democratie naar de hand te zetten. )is een doorn in het oog en een reden waarom vooruitgang tot stilstand wordt bewogen.

‘ Ach’. Ik dwaal waarschijnlijk af als ik durf beweren dat het aanstellen van knelpuntberoepen het onderwijsniveau neerhaalt. Alweer een zet op het schaakbord van het politieke landschap.

Och wat scoor ik hier een hattrick zeg.

Ja ik tover tegenwoordig heel wat tricks uit mijn hoed. 3-0.

Knelpuntberoepen houden in dat men werklozen uit de werkloosheid gaan halen en hen op kosten van de overheid opleidingen laat volgen. Daar kunnen ze vervolgens buizen verzamelen waarmee ze de hele straat kunnen voorzien van nutsvoorzieningen.

De oplossing ligt uiteraard bij de opleiding en niet bij de idioten die in de werkloosheidssfeer zijn blijven hangen en op een sociaal aanvaardbare manier worden uitgemolken en gedirigeerd in een ongewenstte richting.

Nog groter is de idioot die beweerde om dan maar de opleidingen te herzien zodat nog meer ondergeschikte idioten zouden kunnen slagen en een postje op te vullen op de arbeidsmarkt.

Dat deze mensen niet geschikt zijn. De kennis en kunde ontbreekt hen ( over professionele instelling wens ik niet in te gaan ) dat blijkt eveneens ondergeschikt aan een kwalitatieve zorgverlening in de toekomst.

Ik scoor hiermee als het ware een hattrick in één schot. Het zal wel weer afgekeurd worden dat doelpunt.

Tegenwoordig moet je hard opletten als je trapt. Hattricks worden niet erg geapprecieerd door de tegenstander.

Het weerhoudt me echter niet om dit even aan te kaarten.

Ik ben een voortreffelijke speler in poker, manillen, kleurenwiezen en noem maar op. Er zitten veel kaarten die ik kan trekken als het nodig is in mijn toverhoed.

Ja een kwaliteitsvol onderwijs is een dooddoener van formaat. Om te bewijzen dat dit zo is hoef je enkel naar het woordje kwaliteit te kijken. Dat onderwijs de basis legt van een zinvol bestaan vult vervolgens alles aan.

Scoorde ik nu alweer een doelpunt? ‘Ach’ wat zou het? Ik hoef niet steeds te winnen.

Winnen is iets voor losers. Verliezen is een kunst, het maakt je hard en uiteindelijk is de verliezer altijd de grote winnaar.

Kon Fu Zi zegt me opnieuw dat ik een raakvlak heb met de realiteit.

Het zorgt bij u voor enige confusie?

Kon Fu Zi is de man die nog voor de westerse filosofie ontstond de betekenis van het leven had weten te doorgronden. Westerlingen zijn onderhevig aan een zekere trotsheid en weigerden hem te volgen. Ze houden zich aan de vertrouwde Griekse inzichten.
Daarom veranderden ze zijn naam in Confucius, diegene die ik eerder al ter sprake bracht.
Ja zeer verwarrend als je niet begrijpt wat ik hiermee allemaal bedoel.

Vooral ouderlingen hebben het moeilijk om tegenwoordig in deze, aan druk en sociale verplichtingen onderhevige, samenleving zich staande te houden.

Ondertussen sta ik aan de basis van mijn stelling. Ik kijk omhoog en zie hem staan als een paal boven het water.

Waarom palen boven water staan is mij nog steeds niet helemaal duidelijk. Maar als ze dat doen, dan staan ze met zekerheid voor een stuk ook onder water.
Het is een nutteloze gedachte weliswaar.
Doch, als ik kort samenvat dan is er een gebrek aan loon naar werk, politieke onkunde, falend onderwijs en demagogische politieke praatjesmakelarij in het spel die het personeelstekort in de hand werkt in plaats van het op te lossen.

Toch ontbreekt er een essentieel gegeven.

Ik kijk dus naar de top van mijn stelling en zie dat de basis solide is.
Dat de vernieuwde discussie over pensioenregeling en dergelijke meer. Het wegvallen van landingsbanen en arbeidsvoordelen, die het sociale leven van zorgverleners aangenamer en draaglijker maken , dreigen weg te vallen( en deels ook al zijn weggevallen) maakt het werken als zorgverlener niet echt aantrekkelijk. Denk ik dan.

De discussie over zware en minder zware beroepen is een afleidingsmanoeuvre die de laag stof op het deken enkel probeert te behoeden om weggeblazen te worden.

Ik tover met mijn hoed, ik trek mijn kaarten, ik blaas.

De hele stelling van de kwestie in de falende zorgverlening stort in elkaar.

Enkel aan de basis kun je beginnen bouwen. Beschouwen doet men aan de top.

Ik stel me liever kritisch op als het over kwaliteitsvolle zorg gaat. Stellig.

Advertenties
Categorieën: column
%d bloggers liken dit: