Amateurisme in bureaucratenland.

Binnenkort zijn er alweer verkiezingen. Jammer dat het niet op federaal niveau wordt uitgevochten de strijd.

Gemeenteraden zijn intrinsiek debiele samenkomsten van lokale idioten die zich tijdens de verkiezingstijd aan de bevolking (En hun rivale potentiële gemeenteraadsleden) proberen te bewijzen in hun talent om demagogische, (door media en politieke specialisten), aangeleerde uitspraken te doen om kiezers te beïnvloeden om een zeteltje te kunnen veroveren binnen een kamer waar meer geslapen wordt dan gewerkt.

Het Belgische land, dat onbestuurbaar geworden is na een tijd van naoorlogse decadentie en economische weelde, is dringend aan een proactieve en drastische verandering toe in de vorm van een doorgedreven staatshervorming.

De bevoegdheden op federaal, gewestelijk, provinciaal, gemeentelijk, stedelijk, wijk en straatniveau sturen het land na al de jaren nog meer in staat van verwarring.

De hervormingen en akkoorden die in de laatste decenia, ik denk dan vooral aan de hervormingen die zijn voortgesproten uit de regeringen Dehaene blijken wel wat rust en tijdelijke bevrediging te hebben gebracht maar, uiteindelijk, hebben ze maar weinig aanzet gegeven tot een werkelijke progressie op staatsniveau.

De politieke versnippering is vandaag erg groot en eenheid is nog verder van huis dan destijds. Een scheet in een netzak, een fles. Gewoon een scheet eigenlijk.

Niets is in tussentijd echt beter geworden. Het communautaire debat leeft nog steeds. De economische crisis kon niet worden afgewend, de werkloosheid is nog steeds een heikel punt, de armoede tiert welig, terreur is eerder een normale zaak geworden dan schrikwekkend, de Europese eenheid valt uiteen,

Brussel is nog minder Vlaams dan ooit, het wegennet is dichtgeslibd, de lonen bevroren, de middenstand crepeert, het onderwijs faalt, de ziekenzorg kreunt.

De Belgische bevolking zaagt als nooit tevoren. ( En het zijn geen planken maar bomen.)

Ik kan er niet naar luisteren en ik wil het zelfs niet horen. We zijn allen slachtoffer van een falend beleid. Slachtoffer van een naoorlogse generatie van soldaten die rusten na de oorlog aan het front. Op lauweren te rusten gelegd en terend op de rijkdom van onze voorouders, de kinderen van een wrede oorlog.

Respectloos voor de frontsoldaten en terend op het socialisme dat het politieke landschap tot een democratisch forum heeft doen veranderen. Het stemrecht, de scholenstrijd, beslissingsrecht tot een goed bestuur in het belang van onze medemens. Misbruikt door de jaren heen. Niet enkel door het socialismus zelf.

Respectloos is het enige woord dat bij me opkomt als ik de reacties hoor van mensen als het over ons democratisch bestuur gaat en over onze plicht om, in eigen belang, een bestuur te kiezen op verschillende staatsniveaus.

Armetierig België. Klootjesvolk.

Ik meen van niet.

Ik zou geneigd zijn om het wel zo te zien.

Wie ziet nog bomen in dit bos?

Toch teren we verder op onze fouten en zien niet in dat wij zelf de sleutel tot verandering, tot groei in handen hebben.

Het laat echter velen koud.

Ik voel het ook persoonlijk. De sociale zekerheid is eerder een sociale onzekerheid. De vooruitgang is een terugkeer geworden naar een pré-socialistisch tijdperk.

Wat ik hierover vind en waar ik me druk om maak kan echter weinig mensen warm maken om toch te kiezen voor een radicale kentering binnen de maatschappelijke visie in ons landje.

Persoonlijk ben ik in een administratieve molen beland door een situatie waar ik deels gewild, deels ongewild in ben terecht gekomen.

Ook ik heb keuzes gemaakt die mij hebben gebracht waar ik sta. Met mijn capaciteiten, moeilijkheden, mogelijkheden ook.

Terug naar af. De administratieve molen in. Ergens tussen de schelde en de Ijzer. In het Vlaamse niemandsland. Zo voel ik me ook erg vaak een niemand in het Vlaamse land. De bakermat van de Belgen. De frontsoldaat. Gesneuveld door collaboratie. Ja zo voel ik mij werkelijk.

Ik zou kunnen versterven van rancuneuze haat. Fulmineren op alles en nog wat. Het heeft weinig zin om een onzinnig debat te gaan voeren over decadente irrelevante zaken die mij, noch een ander, tot exploratie of toekomstgerichte denkpatronen tot progressie  doen bewegen.

Zo ondervind ik ook na het gesprek met de arbeidsdienst in verband met het uitzoeken van een gunstig arbeidstraject dat aansluit op mijn ervaring enerzijds, mijn wensen en mijn toekomstvisie en mijn moeilijkheden die ik ondervind binnen het arbeidscircuit omwille van mijn complexe psychodiagnostiek.

Ik kom na een maandenlange omzwerving binnen de bureaucratische wereld van de medische instanties zoals ziekenfondsen, huisartsen, psychiaters en dergelijke meer , een route die ik tevens zelf heb moeten uitzoeken nadat ik van kastjes naar muurtjes ben gestuurd, terecht bij een dame die mijn belangen zal gaan behartigen.

Met enige scepsis kom ik bij haar aan haar desk zitten. Te midden van een gigantische ruimte die zonder enige vorm van privacy is ingericht. Mensen lopen zomaar in het ronde en zijn met allerhande zaken bezig die mij niet meteen aan een bureaujob doen denken. Van de tientallen burelen die bijna pal naast elkaar zijn geplaatst in een asymmetrische opstelling zijn er slechts een drietal in gebruik.

Er lopen meer mensen rond dan er burelen zijn, en dat zijn er heel wat. Ik begin ze niet te tellen want ik zit angstig op mijn aangeboden schoolzitje pal voor de onbekende dame die op een ergonomische bureaustoel haar werk aanvat.

“Beste man vertelt u even wat wij voor u kunnen betekenen?”

Ik kijk angstig op en dreig van mijn zitje te donderen.

Overdonderd zoek ik naar repliek. Ik vind ze niet.

“Euch?” Ik probeer mij een houding aan te nemen.

“Dat staat toch in uw dossier die u heeft opgemaakt aan de hand van de tientallen attesten en verslagen die ik u heb bezorgd op jullie aanvraag.”

“Dat klopt mijnheer, ik heb deze papieren echter niet in het bezit.”

Ik dreig een hartinfarct te krijgen. Mijn hart bonst hard in mijn keel en ik begin te transpireren. Ik hoef ook dringend naar het toilet want ik voel een schijtpsychose opkomen die voor heel erg wat narigheid zou kunnen zorgen.

Ik kan mij nog net herpakken en nijp mijn aars dicht. Mijn grote mond ook.

“Tjah, ik heb ze u nog nochtans bezorgd want daarvoor zit ik hier. Ik kon enkel bij u komen per voorwaarde de nodige administratie in orde te brengen in mijn zoektocht naar werk.”

Haar antwoord werd zonder enige emotie uitgesproken en kwam over als retoriek.

Ik was bijna van plan om de modernistische aula van idiotie te verlaten toen ze besefte dat haar antwoord niet erg bevredigend was en eveneens niet erg gepast. Ze excuseerde zich voor de administratieve rompslomp waardoor papieren niet op hun bestemming komen.

Vroeger kwam elk papier terecht waar het moest zijn. In tijden waar de technologische hoogstand en informatisering de maatstaf zijn geworden is de papierberg nog groter geworden dan ze al was. De vooruitgang is niet altijd een ingang dus houd ik mijn ogen steeds op de uitgang gericht.

Ik vertrouw geen moer meer in dit hele bureaucratisch weefsel van bedrog waar zelfs een simpel formulier niet meer op zijn bestemming komt.

Een belangrijk document bovendien. Voor mijn gemoedsrust, en mijn toekomst.

Wat kan het de ambtenarij wat schelen.

Ik ben op zij gezet. In een hoekje waar ik braaf en stil ben. Zij krijgen toch uitbetaald deze maand.

Ik ben een maand van uitkeringen geschorst en zoek al twee jaar tevergeefs naar werk die een gezin financieel kan rechthouden (binnen een kapitalistisch regime waar ik een hekel aan heb).

Ik doe mijn verhaal en toon mijn frustratie. Ik krijg uitleg over het Belgische systeem. Ik heb dertien jaar patiënten georiënteerd binnen de resocialisatie en de re-integratie op de arbeidsmarkt.

Ik spreid mijn diploma’s uit over de tafel. Ik tel er acht. Zij is nog bezig met tellen en ik vraag of ze een rekenmachine nodig heeft.

Ze lacht bedeesd en zegt dat dat niet nodig zal zijn.

We komen tot een oplossing.

Volgend jaar ga ik nog een jaartje opleiding volgen. De zoveelste op een rij.

Rekenhulp heb ik niet nodig want ik weet dat dit mijn elfde jaar hogere opleiding zal zijn.

Een bureaujob. Niets voor mij.

 

 

 

 

 

 

Advertenties
Categorieën: ADHD bij volwassenen, column, Psychische kwetsbaarheid algemeen, VolwassenwordenmetADHD, Wees jezelf, wat denk jij over dit thema, Zorgsector in VlaanderenTags: , , , , , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

%d bloggers liken dit: