Andere tijden.

Soms nemen zaken wendingen die een mens uit zijn lood doen slaan.

Tijden veranderen en mensen worden ouder.

Met het ouder worden komen de grenzen van onze leeftijd dichterbij.

Tien jaar in een mensenleven? Als kind lijkt het wel een heel leven.

Nu lijkt tien jaar een tel, een momentopname in een leven van een mens.

Vanaf een jaar of dertig lijkt een vijftig jarige vrouw een jonge deerne. Je kan er alles mee doen zonder dat anderen er iets over zeggen.

Toen ik op mijn vijftiende ontmaagd werd door een meisje van negentien leek het alsof ik een doodzonde had begaan. Niemand mocht het weten. De leeftijd. Je kent dat wel.

Leeftijd wordt relatief naarmate men groter en ouder wordt.

Leeftijd maakt weinig verschil meer als ouderdom vordert met de tijd. (Ik kom hier later op terug)

Deze namiddag zag ik, na een hele tijd, mijn neef terug. Hij is het eerste familielid, (Mijn ouders en mijn zus niet meegeteld.), die ooit in ons huis is geweest. Toevallig is dat zo gekomen. Het is ook gewoon wat het, zonder meer, is.

We hebben nooit behoefte gehad om met de aankoop van ons huis een house-warming party of, een interieur-bachelor party of, iets dergelijks te houden. Het is wat het is. Zo is dat. Zo zal het desgewenst ook blijven. Ik bejubel zelden dingen die het leven me brengt.

Iedereen is welkom bij ons thuis en wordt met liefde ontvangen. Dat geldt voor elke vriend maar ook voor anderen die vragen hebben of, iets te zeggen hebben. Ik ontvang iedereen als een gelijke. De drank staat altijd koud. Als je pech hebt is de drank opgedronken wegens gebrek aan bezoek en een teveel aan dorst.

We zijn een erg sociaal gezin met erg veel intense liefde. Soms gaat het er luid aan toe. Dat bewijst dat we erg veel houden van elkaar. Anders zouden we niet schreeuwen of roepen op elkaar. Hoge emotionele expressie noemt men dat. Het uiten van bezorgdheid is evenzeer een teken van wederzijdse liefde dan een innige knuffel of een hevige zoen.

Ook onze liefde voor elkaar wordt innig en op zeer expressieve wijze getoond.

( Voor alle duidelijkheid, het gaat hier om liefde binnen het gezin en niet binnen ons huwelijk. Bedgeheimen geef ik niet prijs maar ik kan u wel zeggen dat expressie geen probleem is op dat gebied.) 

Mijn neef en ik, we kennen elkaar niet erg goed. We hebben elkaar wel altijd graag gezien maar tevens ook erg weinig. Te weinig. Zo is dat nu eenmaal gekomen door redenen die me nog niet helemaal duidelijk zijn maar waarschijnlijk ook een complexe geschiedenis hebben waar emotionaliteit een rol in speelt. Denk ik.

Hij (Mijn neef) woont in het buitenland samen met zijn vrouw en kinderen. Ik woon (voor hem) ook in het buitenland met mijn vrouw en mijn kinderen. We kunnen de rollen gewoon omdraaien als het moet. Dat is het leuke aan in het buitenland wonen. Of, gewoon aan het spelen met taal. Met zinnen, woorden in letters uitgesproken of, op een blad geschreven.

Toen ik opgroeide was hij al groot. Letterlijk (ongeveer tweehonderd centimeter, min of meer, hij kan nog gegroeid zijn of, reeds gekrompen? Wie zal het zeggen? Ook figuurlijk. in termen van leeftijd bekeken was hij groter dan mij en dat zal altijd wel zo blijven. Dat is een zekerheid.) We schelen om en bij de tien jaar.

Een decennium lijkt wel erg lang. Dat is ook zo. Toch is het evenzeer een relatief gegeven. (Ik kom hier later op terug.) 

Hij reisde de wereld rond. Ik heb altijd verlangd om te zijn zoals hij. (Hoe hij heeft willen zijn? Dat weet ik niet.) Ik heb het hem nooit kunnen of, durven vragen.

Ik heb hem stilletjes aanbeden omwille van zijn vrije denken en zijn strijdvaardigheid voor authenticiteit in zijn vrije leven. Het bewonderde me mateloos. Ik heb hem dat eveneens nooit durven vertellen. Misschien durf ik dat ooit wel. Wie weet?

Bewondering is het enige dat mijn gevoel voor hem kan omschrijven. Ik heb hem te weinig gekend om iets anders over hem te denken. Mijn gedachten waren destijds niet rijp genoeg en hij is bovendien erg slim.

Wat anderen over mijn neef denken doet hem weinig. Dat heb ik steeds zo gedacht. Ik denk dat hij zich daar goed bij voelt. Dat dacht ik toch . Ik weet het niet. Niet meer. Misschien denkt hij anders dan ik ooit wel heb gedacht. Zal hij het mij ooit durven vertellen? Tijd is relatief. Denken ook. Het doet er erg weinig toe wat hij denkt of, wat ik denk. Het is maar een gedachte.

Ik heb heel vaak aan hem gedacht toen ik een opgroeiende jonge man was.  Aan zijn drang om te ontdekken. Zijn drang om wijs te zijn. Eigen wijs? Misschien. Ik weet het niet en hoef het niet te weten. Voor mij is hij goed zoals hij is en mijn liefde die ik voor hem voel is echt. Dat telt meer dan wat ik over hem denk.

Voor wijsheid heb je geen diploma’s nodig. Wijsheid dat heb je in je zitten en daar werk je aan. Daar leef je naar toe. Net als de drang om een eigen mening te vormen, een visie, een toekomstbeeld, een weg, een baan in het leven. Het boetseren van je zelf, je beeld, je zelfbeeld. Mijn neef is voor mij een soort standbeeld geworden. Als je hem van zijn sokkel blaast dan moet je verdomd hard kunnen blazen en dan kom ik je halen. Wie mijn familie raakt… raakt mijn familie. Je ziet het maar.

Het leven geeft ons niet steeds alles zoals we het voor ogen hebben. De kinderlijke onschuld verdwijnt met de tijd. Mijn onschuld is eveneens verdwenen met de jaren. Spijt heb ik echter niet. Hoe meer een mens kan praten hoe schuldiger hij is. Ik kan heel erg goed praten. Mijn snavel staat nimmer stil.

Stilstaan?

De tijd staat niet stil.

Tijd is desalniettemin relatief. Dat bewijst ook de stelling over de relativiteit van Einstein.

Naar mate de tijd stijgt hebben de andere elementen (Kracht en Massa) minder invloed op de tijd. (Kracht is het product van de massa en de lichtsnelheid)

Ik verklaar me vervolgens nader.

E=mc2 verklaart de relativiteit van de energetische kracht tegenover het product van de componenten massa en het kwadraat van de tijd. De tijd is hier de lichtsnelheid.

Ik reduceer de relativiteit naar psychologisch-filosofisch en humoristisch gebied en neem de gewaagde stelling aan dat deze hier ook van toepassing is.

Nogmaals probeer ik mij nader te verklaren.

De massa (persoon) en de tijd (leeftijd) zijn dan relatief tegenover de persoonlijkheid van het individu (energie).

Dus, E (Persoonlijkheid) = m (Persoon) x c (Leeftijd). Voeg het kwadraat toe aan de leeftijd zodat ze gelijk staat met de lichtsnelheid. Lichtsnelheid vervangen we hier door de factor (volwassen worden) c2.

E=mc2 of, De mens is het product van zichzelf en zijn volwassenheid.

(Leeftijd en groei moeten in mijn stelling een kwadraat zijn om betekenisvol te worden. Net zoals de tijd een kwadraat moet zijn om de lichtsnelheid te benaderen in de stelling van Einstein. Leeftijd is betekenisloos als je er niets mee doet. Idioten kunnen enkel slim worden als ze er iets voor doen. Doen is hier het kwadraat. Een voorwaarde om tot groei te komen. Of, de drang om tot ontplooiing of, volwassenheid te komen. )

‘Wat kraamt die kerel nu weer uit?’ Hoor ik u zeggen.

Klopt. Dus ik verklaar me opnieuw nader.

Samengevat is de persoonlijkheid relatief aan een individu naar mate het ouder wordt.

Mensen komen dichter bij elkaar tijdens de loop van hun leven is uiteindelijk het besluit. Of, als men volwassen wordt doet de leeftijd of, het individu er niet meer echt toe. We zijn allen mensen en hebben raakvlakken die zeer dicht bij elkaar liggen. Door de tijd die we hebben gekregen om volwassen te worden.

Nu we dit weten vervolg ik gewoon mijn verhaal.

Enkel zotheid kan dergelijke baanbrekende theorieën herleiden tot menselijke begrippen. Ik ben zot genoeg om dit te doen. Dat beweert althans mijn psychiater. Of, was het ikzelf die dat beweerde? Wie zal het zeggen. Ik heb altijd gelijk. Zelf op de momenten als ik me vergis.

Daarom geloof ik ook mijn neef die dezelfde mening als mezelf is toegedaan.

Weliswaar zegt hij dit verstaanbaar en in andere, verklarende, woorden.

De tijd is gekomen dat ik en mijn neef op een ander niveau met elkaar gaan praten.

Ik kom terug op de relatieve-humortheorie over volwassen worden.

Hij, (mijn kozijn), zegt dat, als men de dertig jaar voorbij is geschreden de leeftijd van anderen niet meer dermate belangrijk is in de relatie tot elkaar. Zo maakt hij een lang verhaal wel erg kort.

Ik daarentegen vertel nogal graag dingen in lang en breed.

De theorie van mijn neef is evenzeer juist. Net als mijn baanbrekende theoretische verklaring. Echter is ze minder (niet)wetenschappelijk onderbouwd. Maar daarom zeker  niet minder juist. (Het is gewoon hetzelfde maar in’t kort.)

Mijn neef is een wereldreiziger. Bovendien is hij een kenner van (zowat alles) wat hij kent.

Ik geloof hem blindelings en, aldus, ook zijn stellingname. Zo geloof ik ook mezelf omdat ik in mezelf ben gaan geloven. Dat komt door mijn drang naar volwassenheid. Ik word volwassen aan de snelheid van het licht en ben bijgevolg niet te evenaren in volwassenheid. Laat staan in humoristische snelheid. In snelheid kan niemand mij evenaren. Ik ben een soort Bolt (De Jamaicaanse sprinter.) wat denken en praten betreft. Niemand die dat ontkent. Bovendien wil niemand weten wat er zoal in mijn hersenen afspeelt. Geloof me maar vrij.

Zo ben ik ook een beetje als mijn neef geworden. Ik krijg steeds meer de indruk dat, ondanks onze leeftijd, we meer op elkaar lijken dan we ooit hebben gedacht. Alleen is hij een erg rustig persoon. Uiterlijk dan wel. Ik weet wel beter want mijn gevoel is erg ontwikkeld en de rust die hij vertoont is een zachte deken voor zijn harde en liefdevolle, kwetsbare ziel.

We spreken ook op een ander niveau met elkaar dan anderen dat altijd doen. We spreken in een taal die wij wel begrijpen maar anderen niet helemaal. Een soort symbolische oertaal. In hiërogliefenschrift geschreven en gesproken met erg veel symboliek. Maar nu ook weer niet zoals de emoticons op sociale media. ( Een taal die ik nooit zal begrijpen. Ik wil het ook niet.)

Het is een soort begripsvolle verstandshouding tussen mensen die, zonder spreken, duidelijk kunnen maken wat ze voelen. Elkaar begrijpen. Aanvoelen.

Ik heb het maar zelden meegemaakt en besluit dat het een erg zeldzaam iets is. De taal van het voelen.

Elke andere taal is universeel.

Dat bewijst de buurjongen, die vraagt om een balletje mee te trappen met de zoon van mijn kozijn, die in een vreemde taal praat. Ze verstaan elkaar evenwel erg goed.  Hun communicatie verloopt vlekkeloos. Het is weinigen gegeven om zo voelend te zijn voor elkaar. Communicatie op jonge leeftijd is erg gebaseerd op hetgeen ik zonet heb gezegd. Taal is contraproductief om uit te drukken wat je voelt. Toch is taal erg belangrijk in het leven.

De ontmoeting met mijn neef heeft me diep geraakt. Het maakt me gelukkig. Tegelijk ben ik in verwarring door de oprechte ontmoeting met een broer die ik nooit heb gekend. ( Vrienden en familie geef ik altijd de naam ‘broer’ of, ‘zus’.)

Het is een nieuwe ervaring om tot ontmoeting te komen en mijn angst tegenover mensen te beheersen.

Ik ben een schreeuwer en een zeer extraverte persoon. Ik geef weinig ruimte aan anderen. Dat komt door mijn allesomvattende aanwezigheid. Mijn neef is een imposante persoon,door zijn gestalte, maar ook omwille van zijn energetische uitstraling van intelligentie en wijsheid. Hij straalt een bijzondere kracht uit die ik moeilijk kan beschrijven. Een aura dat ik zelden heb waargenomen. Hoewel ik me voor het eerst op mijn gemak voel bij hem ben ik toch mijn drukke zelf. Tussen mijn vele onderbrekingen probeer ik ook naar hem te luisteren. Hij boeit mij na al die jaren nog steeds mateloos.

Hij heeft zoveel te vertellen. Ik voel het alleszins op die manier aan. Er is een match. Toch kan ik deze niet met woorden omschrijven. Het is een gevoel dat onmiskenbaar is en waar waarschijnlijk geen beschrijving voor bestaat, noch nodig is. Iets persoonlijks. Niet eens familiaal. Echt een soort verbondenheid in gevoel en gedachten. Iets “Echt.”

Ik weet niet of hij het ook voelde. Ik heb er het raden naar.

Toch kan het geen toeval zijn dat we op dit moment van ons leven elkaar opnieuw ontmoeten. Ontmoetingen zijn zelden een toevalligheid. Ik geloof dat.

Het leven heeft ons samen gebracht. Ook onze drang om ons te uiten en onze talenten te benutten. Onze drang om betekenis te geven aan het leven. Voor onszelf en voor anderen. Onze mening doet er echt toe. Dat geloof ik ook. We mogen er zijn. Er mag ook naar ons geluisterd worden. Het mag wel, het moet niet. We vechten er wel voor. En dat telt.

Hij gaf mij advies en hij stak een hand uit. Ik nam hem beet en we voelden elkaar en kwamen tot ontmoeting. Na al die jaren.

Ook hij is zoekend om een droom te vervullen die hij ooit is nagehold. Door omstandigheden (Huisje,boompje,kindje,zonder hond)  heeft hij ze niet ten volle kunnen waarmaken. De maatschappelijke en sociale omstandigheden staan non-conformisten heel vaak in de weg.

Zo verging het mij ook. Keuze voor een vrouw en een kind, een huis, een boom en een hond. Standvastigheid in het leven en een mooie toekomst voor mijn nageslacht. Een gewaagde keuze. Zonder spijt. De dromen bleven wel enigszins uitgesteld maar het bloed kruipt toch waar het niet laten kan. Dat bewijst de ontmoeting met mijn bloedverwant.

De prairie roept. Het vrije leven. De ontdekking en het wandelen op onbetreden paden. Het varen op de zeven zeeën, het nomadenleven, het beklimmen van de Kilimanjaro, leven in de Amazone, de zuid- of, de noordpool.  Het leven buiten de snelweg die enkel verleidelijk is en gemakkelijk te verkrijgen en dat instant geluk naar ons toebrengt.

Geluk zoals dat op Tomorrowland is te vinden. Op een weide met schreeuwende en gedrogeerde mensen die denken dat ze in een sprookje leven. Ondertussen gaan de zaken die er echt toe doen aan hen voorbij.

Muziek is belangrijk. Heel erg zelfs. De realiteit is muziek. Muziek is realistisch. Symbolisch tot ons gebracht. Jammer genoeg wordt symboliek niet meer herkend en is het voor de meeste mensen enkel nog een beat en een melodie gebleven. De boodschap gaat verloren in de massa die juichend en feestend het leven vergooit.

‘Terug naar de kust’ Zingt Rik De leeuw. Ik luister en krijg heimwee naar vervlogen tijden. Het strand in Blankenberge. Het hotel van mijn grootvader, waar ik (als kind) veel van mijn tijd heb doorbracht.

Kampen bouwen. Spelen met treintjes. Treintjes die ik van mijn neef had gekregen maar nu, als stille getuigen van een zorgeloos leven, ergens op de zolder van het huis van mijn ouders staan.

Het verleden is bedekt met stof. Het heeft geen zin om er met een stoffer over te gaan. Het stof is diep doorgedrongen in het mechanische gestel van de locomotief. Je krijgt het niet weg en de trein zal nooit meer het spoor trekken dat het ooit heeft getrokken.

De tijd heeft ons ontnomen wat ons straks misschien opnieuw zal samen brengen.

Tijd is relatief in het leven van een mens.

We vertrekken op een nieuw perron. In een ander station.

Een toekomst tegemoet die onzeker is, maar ongetwijfeld de moeite waard.

Ik verzilver mijn ticket en neem de trein naar morgen.

Ik neem het risico zonder het te berekenen. De theorie van Einstein is op toeval gebaseerd. Tevens is hij niet helemaal correct.

Ik stap op de trein en vertrek.

Ik ben eindelijk op weg naar….

“Never say never land”

 

 

Advertenties
Categorieën: column, Wees jezelf, wat denk jij over dit themaTags: , , , , , ,

2 gedachten over “Andere tijden.

  1. Dit stuk beschrijft zo’n groot besef dat op details ingaan eraan tekort doet (al zou ik er uren over door kunnen gaan). Het roept een hoop op, en hoop. Goeie reis!

    Liked by 1 persoon

Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: