Viraal samenhokken.

Viraal samenhokken

Vadsig druipt zwart kaarsvet langs de hals van een flessenkandelaar, merk ’Corona’!

Parasitair hecht het zich aan het doorzichtige! Alsof het wenst om eigen leven te lijden.

Mijn zieke geest aanschouwt het tafereel dat speelt in de duisternis van nacht..

Enig is het lichtpunt! Een vlammetje, geboren aan het ontsteken van het lont.

“Ach! Wat?”. Pest, tyfus, of, cholera in tijden van Corona? leven op een fles waar ooit zeikbier woonde?

Gevangeniscel zonder limoentje. Onfris en zonder pit in. Ballingschap in eigen woonst.

Stil is aldus mijn zwijgen, wijl ik voorts toekijk hoe het vet zich een weg weet te banen.

Het ophokken is een hit geworden op twitter!; dat toont mijn onophoudelijk trillende mobieltje.

Alles gaat vandaag viraal. Zelfs een virus is een ware bacterie geworden.

Geestelijk verdwaal ik in het eindeloze woud van mijn beeldend denken!

Bewaard in de open ruimte waar de zin ontstaat. Ook onzin! Soms!

Waar het woord wordt geboren uit de engte; de nauwe spleet van een flessenhals in onze moederschoot.

Denken laat zich niet perken! Wrikkend en wriemelend zoekt het een baan.

Naar waar letters wonen om te kunnen ontplooien terwijl ze het flesje alleen en leeg achter zich laten.

Een placenta, restant  van een kleinburgerlijke zwangerschap.

Uit de vagina geboren van omhalzing. Een kus van Judas. Geest en wind in een flesje.

Enkel een ontwricht gedrocht van hunker naar burgerzin.

Gedachtescheet uit monde van schijnbaar nette heertjes.

Druipede kaarsen echter langs de baarmoeder van een mens lijk bestaan.

Ontstoken en ontsproten aan een pestje, of, een soaatje! Aan hun zijde.

Chlamydia van een kleine burgerij in een, “anderhalve meter afstandelijke” beminning.

Ziekelijk maakt de gedachte dat wij gezond zijn!

Of, dat ooit kunnen zijn of, ooit zelfs zouden kunnen worden.

Mensen! Perverse nakomelingen uit een onvruchtbaar huwelijk met het eigen bestaan. Misverstandjes!

Producten van het ziekelijke verlangen naar gelijkheid en valse saamhorigheid.

Utopisch samen gekomen in de vrijpartij van het wenselijk denken.

Gestruikeld over rondslingerende slipjes en stinkende sokken.

En na het neuken! Komt enkel maar de climax! Klaarkomen in de eigen perversie.

Het zaad dat rondspuit maakt de smet! Vlekken op doorzichtigheid.

Blazoen van de vadsigheid gevoedt.

Gelijkheidsprincipes wil het hanteren die ontsproten  zijn aan de deling.

Niet het product zijn of, de som van het sommeren. Noch van het samen willen “behoren”.

Een verzameling die gelijk is aan nul. Dood toneel waarin we dramatisch verder leven.

De leuke vent zijn, de toffe peer, de adonis, de gigolo, de teef!

De pooierheren van de waanzin zijn! Viraal en wereldwijd verwoven in een web.

Leven dat ons bindt met het rag van schijnburgerschap; in een foutief tijdsgewricht!

We wandelen en lopen. Loops! Los! Dwars door het bestaan met egocentrische zin om gelijken te zijn.

Soms zijn zwijnen echter gelijker dan de parels van andere varkens.

Daar ligt ook mijn pijn en mijn hersenbreuken.

In dat druipende flesje opgefuckte corona! In mijn hokje! Uit voegen barstend!

Ik zie en ik hoor naar de onzin in de zin. “Het coronavirus brengt ons misschien zelfs dichter bij elkaar!”

Dat zullen we pas weten na het vallen van het doek? Wanneer iedereen de plichten zal hebben hernomen.

Dan zal immers blijken of, de onvruchtbaarheid van grote mensen met dure woorden,

zaad zal zijn geweest van deze pandorgie. Opgeneukt in de flessenhals van covid-19.

Dodelijk viraal is het hokje van de hedendaagse hoerenloprij!

Malle Babbe sluipt nog steeds rond in hoofden,

In een triestig lied dat sommigen nog willen bezingen.

Thomas Haghenbeek ©

28/03/2020

Categories: ADHD en creatief schrijven, column, Gedichten, VolwassenwordenmetADHDTags: , , , , , , ,
%d bloggers liken dit: